In de Volkskrant van vandaag, 16 juni, staat een artikel dat helemaal mijn idee over taal en tekst verwoordt. Het is gechreven door BureauTaal, waar mijn goede vriendin (Floor van Horen) werkt.
“Heldere taal voorkomt problemen
We leven in een non-informatiemaatschappij. We overladen elkaar met informatie, maar het grootste deel van die informatie is zo abstract, dubbelzinnig of onbegrijpelijk, dat het de naam informatie niet verdient. Wie kent niet het verhaal van de spitsstrook op de A1 bij Hoevelaken die jarenlang voor niets dicht bleef?
Verkeerde been
Ambtenaren van het ministerie van Camiel Eurlings en de landsadvocaat hadden een uitspraak van de Raad van State verkeerd geïnterpreteerd. Let op, het ging hier dus niet om mensen die te dom, te ongeïnteresseerd of te lui zijn om een juridische tekst te begrijpen. Het ging om uitermate gemotiveerde en juridisch geschoolde medewerkers van een ministerie en de landsadvocaat.
Het was de abstracte en dubbelzinnige taal van de uitspraak van de Raad van State die de ambtenaren en de landsadvocaat op het verkeerde been zette. Waarom schrijft de Raad van State niet gewoon: ‘De minister mag de spitsstrook openen. Maar dan mogen auto’s en motoren daar niet harder rijden dan 80 kilometer per uur’? Dan had minister Eurlings begrepen wat de Raad van State bedoelde. En zijn chauffeur ook. Want dan staat er concreet, eenduidig en nauwkeurig wat de minister moet doen.”
